Naar de hoofdinhoud

Templates - (Bureau-)template omzetten naar een volgende versie (vanaf Archicad 28)

Alles over het omzetten van de eigen (bureau-)template vanaf Archicad 28 naar een volgende versie.

Dit artikel geldt voor templates uit Archicad 28 of nieuwer. Waar 'de nieuwe versie' staat, kan bijvoorbeeld Archicad 29 of Archicad 30 gelezen worden.

Let op: komt de template uit Archicad 27 of ouder? Volg dan eerst deze stappen:

  1. Ga daarna verder met dit artikel.

Vanaf Archicad 28 werkt Archicad met de Global Library. Bibliotheekelementen uit Archicad 28 blijven in latere versies gewoon werken. Migratiebibliotheken zijn daardoor niet meer nodig.

Achtergrondinformatie over het opzetten van een template staat in de gratis cursusmodule - Bureaustandaard maken. Deze cursus is bedoeld voor de medewerker die verantwoordelijk is voor de bureaustandaarden.

Omzetten of een nieuwe template opzetten?

Maak voor de migratie eerst een keuze tussen optie A en optie B.

Optie A:
nieuwe template opzetten

Optie B:
bestaande template omzetten

Geschikt als

Er weinig is aangepast in de meegeleverde template (bijvoorbeeld alleen een bureaustempel, papierformaten en kleine wijzigingen)

Er veel eigen instellingen in de template zijn gemaakt

Uitgangspunt

De meegeleverde (KME) template van de nieuwe versie

De eigen template uit Archicad 28 of nieuwer

Werkwijze

Onderdelen uit de huidige template overzetten met 'Copy and Paste' of via export en import

De migratiestappen in dit artikel volgen; waar mogelijk exporteren en importeren

Zie ook

Tip: houd alle wijzigingen bij in een apart document. Dat maakt de uitleg aan collega's en het opsporen van fouten eenvoudiger.

Migratiestappen

Stap 1: Back-up maken

  1. Open de template in de Archicad versie waarin deze is aangemaakt.

  2. Ga naar File > Save As...

  3. Kies het bestandsformaat 'Archicad Project Template (*.tpl)'.

  4. Sla het bestand op met het versienummer in de bestandsnaam.

Stap 2: Template openen in de nieuwe versie

  1. Installeer de nieuwe Archicad versie en de bijbehorende KeyMember Editie.

  2. Open de template via File > Open > Open...

Stap 3: Bibliotheek van de nieuwe versie laden

Na het openen blijven de Library Packages van de vorige versie geladen. Nieuwe bibliotheekelementen en de features die daarvan afhangen, zijn dan niet beschikbaar. Vervang daarom de Library Packages:

  1. Open de Library Manager via File > Libraries and Objects > Library Manager...

  2. Klik op 'Replace all local library packages'.

  3. Klik op 'Reload All Packages'.

  4. Controleer in de kolom Location of de packages naar de map van de nieuwe versie verwijzen.

  5. Sluit de Library Manager.

Let op:

  • De knop 'Replace all local library packages' is beschikbaar vanaf de eerste update van Archicad 29. Ontbreekt de knop, update dan eerst Archicad.

  • Laad geen migratiebibliotheken uit Archicad 27 of ouder. Deze veroorzaken conflicten met de Model View Options van de Global Library.

Stap 4: Regelmatig opslaan

Sla de template na elke afgeronde stap op met 'Save'. Gaat er bij een volgende stap iets mis? Sluit de template dan zonder op te slaan (!). De eerder opgeslagen wijzigingen blijven bewaard.

Stap 5: Aanpassingen doorvoeren

Bepaal welke aanpassingen de bureautemplate nodig heeft.
Houd de vaste werkvolgorde van een template aan: eerst attributen en filters, daarna Favorieten en Views.
​

Gebruik hiervoor de volgende artikelen:

Wordt een versie overgeslagen, bijvoorbeeld van Archicad 28 naar Archicad 30? Lees dan ook de artikelen van de tussenliggende versie.

Aandachtspunten

Attributen

  • Importeer attributen met de Attribute Manager via Options > Element Attributes > Attribute Manager... Zie ook Attributen en de Attribute Manager.

  • Bij het importeren van bijvoorbeeld Surfaces, Building Materials en Complex Profiles staan gekoppelde attributen standaard aangevinkt. Vink een gekoppelde Fill of Surface uit als deze al in de template staat. Zo ontstaan geen dubbele attributen.

  • Moet een attribuut verwijderd worden dat in gebruik is? Kies 'Delete' en daarna 'Delete and Replace with:' om het te vervangen.

Vanaf Archicad 30 toont het attributenvenster (Options > Element Attributes > Attributes) de herkomst van elk attribuut:

  • Creation Method: hoe het attribuut is ontstaan, bijvoorbeeld via een hotlink of door plakken

  • Source File: het bronbestand waaruit het attribuut afkomstig is

  • Creation Date: de datum waarop het attribuut is aangemaakt

  • Created by: de gebruiker die het attribuut heeft aangemaakt

Bij het omzetten van een template is dit overzicht geschikt om ongewenste attributen op te sporen. Denk aan dubbele attributen zoals Beton (2) of tijdelijke lagen die via hotlinks, kopiëren of importeren in de template terecht zijn gekomen. Vanuit hetzelfde overzicht kunnen attributen direct hernoemd of verwijderd worden.

Model View Options

Nieuwe bibliotheekelementen kunnen nieuwe instellingen in de Model View Options toevoegen. Controleer per combinatie of de instellingen aansluiten op de bureaustandaard via Document > Model View > Model View Options... Meerdere combinaties kunnen tegelijk geselecteerd en aangepast worden.

Favorieten

Favorieten op basis van de Global Library blijven bruikbaar. Een Favoriet die naar een niet-geladen bibliotheekelement verwijst, krijgt een vraagteken in de Favorietenlijst (Window > Palettes > Favorites). Herstel zo'n Favoriet op een van deze manieren:

  • Laad de juiste bibliotheek en maak de Favoriet opnieuw aan uit (nieuwe) standaardelementen.

  • Plaats de Favoriet, wijs het element toe aan een geladen bibliotheekelement en sla het opnieuw op als Favoriet.

Eigen bibliotheken en componenten

  • Eigen bureaubibliotheken (.lcf-bestanden of mappen) kunnen naast de Library Packages geladen worden. Voorkom dat objecten dubbel geladen worden (Duplicate objects). Controleer daarvoor de meldingen onder Warnings in de Library Manager.

  • Eigen componenten uit Archicad 27 of ouder, zoals deurpanelen, draaidelen en deurklinken, moeten handmatig overgezet worden. Zie Migratie van Componenten naar Global Libraries.

Testen

Test de template altijd in een nieuw project en nooit in het templatebestand zelf. Instellingen die tijdens het testen gekozen worden, kunnen de template anders vervuilen.

Maak een eenvoudig model en controleer de volgende onderdelen:

  • Library Manager: meldingen onder Warnings, zoals missende of dubbele bibliotheekelementen

  • Attributen: volledigheid en juiste indexering

  • Tool Defaults: juiste instellingen en geen missende attributen

  • Algemene instellingen: Project Preferences, Model View Options, IFC Translators, IFC Property Mapping, Element Transfer Settings, Graphic Override Combinations en Schedules

  • Renderingen: kwaliteit van de weergave

  • Navigator: juiste Views, Layouts en Publisher Sets

  • Views: juiste instelling van de filters

Besteed extra aandacht aan de onderdelen die samenhangen met de nieuwe features van de betreffende Archicad versie.

Gerelateerde artikelen

Was dit een antwoord op uw vraag?